feb 06

Van Epifanie naar Pasen

In het vorige nummer schreef ik over Epifanie, het feest van de verschijning van de Heer, dat vroeger in de christelijke kerk heel belangrijk was, maar nu is overvleugeld door Kerst. Na de epifaniëntijd breekt in het kerkelijk jaar al snel een andere tijd aan: de veertigdagentijd, die voorafgaat aan Pasen, het feest van de opstanding.

Die veertigdagen begint dit jaar op woensdag 14 februari. Die dag heet Aswoensdag. Binnen de protestantse traditie zijn we niet gewend op die dag bij elkaar te komen. In de rooms-katholieke traditie is dat anders. Al vele eeuwen komt men op die dag naar de kerk om uit de Bijbel te lezen, te bidden en te zingen. Bovendien bestaat de gelegenheid om naar voren te komen. De priester tekent dan met as een kruisje op je voorhoofd. Een bijzonder gebaar! Een keer, al weer jaren geleden, ben ik op Aswoensdag in een rooms-katholieke kerk een askruisje wezen halen. Op de fiets naar huis waaide de as er weer af. Toch voelde ik de hele avond dat kruisje op mijn voorhoofd. Het was voor mij een moment waarop het begin van de veertigdagentijd letterlijk werd gemarkeerd.

Ik denk weleens: wat zijn we als protestantse traditie in de loop van de tijd veel kwijtgeraakt. Een samenkomst op Aswoensdag hoort daarbij. Ik zou me goed voor kunnen stellen dat we zo’n samenkomst weer invoeren. Of ik me als dominee ook moet wagen aan het tekenen van askruisjes weet ik niet. Sommigen zouden dat wel mooi vinden: het is een heel lichamelijk en tastbaar teken. Anderen vinden het, denk ik, maar vreemd. Maar een samenkomst zou kunnen. Een lange dienst hoeft dat niet te zijn. Ik denk meer aan de vorm van een avondgebed.

Vanaf Aswoensdag bevinden we ons dan in de veertigdagentijd. Dat vind ik altijd een mooie periode. Het is een tijd van bezinning. Jaren geleden las ik eens de uitdrukking: een tijd om het tuintje van je ziel aan te harken. Een mooi beeld!

Binnen de rooms-katholieke traditie was dat ook de vastentijd. Dat is iets dat binnen de protestantse traditie de laatste jaren meer en meer wordt omhelsd. Mensen kiezen er bewust voor om bepaalde dingen een tijdje op rantsoen te zetten. Bijvoorbeeld alcohol, de televisie of sociale media. Misschien nog een of twee keer per dag op je telefoon even de belangrijkste berichten lezen. Maar niet de hele dag bij ieder geluidje onmiddellijk kijken wie er nu weer iets op facebook zet. Daarmee ontstaat er rust en ruimte voor iets anders. Iets dat je helpt bij het aanharken van dat zielentuintje.

Vorig jaar las ik in de veertigdagentijd elke dag een stukje in een boek over woestijnvaders. Voor dit jaar heb ik een ander boek uitgekozen. Het is geschreven door Kick Bras. Het heet: Oog in oog. Christelijke mystiek in woord en beeld. Een paar weken geleden werd het in Trouw uitgeroepen tot een van de beste theologische boeken van het jaar 2017. Toen heb ik het besteld en heb ik het al even in kunnen zien. Het boek ziet er mooi uit. Na een korte inleiding zijn er 55 hoofdstukjes. Elk hoofdstukje (twee tot drie bladzijden) begint met een afbeelding van iets uit de kunsten: schilderijen, beeldhouwwerk, glas-lood-ramen, architectuur, enz. Daar lezen we dan bij over vijf elementen: mystieke ervaring, Godsbeeld, Christusbeeld, mens- en wereldbeeld, of mystieke weg.

Ga jij ergens in vasten? En wat ga je doen met de tijd die dat schenkt? Ga je ook iets lezen? Of ga je iets anders doen? Elke dag een wandeling? Door weer en wind (ik schrijf dit stukje op donderdag 18 januari, terwijl de westerstorm tekeergaat; staat de schutting straks nog overeind?). Of elke dag met iemand contact opnemen: eenvoudig voor een praatje van mens tot mens? Of nog weer iets anders? Ik hoop dat je iets vindt dat bij jou past en dat de veertigdagentijd van dit jaar voor jou tot een waardevolle periode maakt.

Lectoren

Tijdens onze viering op kerstmorgen werden de lezingen uit de Bijbel verzorgd door Edith Vaandrager, Erik Boeve en Jan Hendrik Broos. Na de dienst zeiden veel mensen tegen me dat ze dat mooi vonden! Daar ben ik het helemaal mee eens. Sommigen suggereerden: kunnen we dat niet vaker doen? Ook daar ben ik het mee eens. De Bijbellezing(en) hoeven echt niet door de dominee te worden gedaan. In elke gemeente zijn er mensen die het leuk vinden om af en toe eens de lezing te doen. Daarom zijn er al in veel gemeente ‘lectoren’. Zo komen we ook wat af van de kerkdienst als een louter domineesgebeuren. We moeten maar eens kijken of en hoe we dat kunnen organiseren.

Met hartelijke groeten,

ds. Dirk van Keulen