aug 29

De kerk in ’t nieuwe land (1)

9 september 1942 is een belangrijke dag voor alle polderbewoners: op die dag, midden in de Tweede Wereldoorlog viel de Noodoostpolder droog. Spoedig daarna is een begin gemaakt met het in cultuur brengen van het land. Met het toestromen van de eerste mensen – aanvankelijk ook nogal wat onderduikers, die een schuilplaats vonden tussen het riet –, ontstond ook al snel een kerkelijk leven. Een mooi beeld daarvan geeft het blad De kerk in ’t nieuwe land. Kerkblad voor de Geref. Kerken in de Noordoostpolder.

Piet en Sylvia Koekoek gunden me recent een blik in de eerste drie jaargangen van dit blad. Het eerste nummer verscheen op 23 januari 1947. Eindredacteur ds. P. de Jong uit Zwolle schrijft daarin: ‘We hebben behoefte aan een eigen blad, al spreken we nu reeds van de Kerk van Emmeloord en van de Kerk van Luttelgeest-Kuinre en spoedig naar we hopen van de Kerk van Ens èn van de Kerk van Marknesse – en dit is nog maar het begin –. Toch is er in den Polder een groot gevoel van saamhorigheid, de Polder is het nieuwe land, en dat vraagt om een eigen blad, óók om een eigen Kerkblad, waarin geschreven kan worden over ons werk, speciaal in den Polder’.

De Gereformeerde Kerk van – toen nog – Luttelgeest-Kuinre, behoorde met Emmeloord dus tot de twee eerste gereformeerde kerken van de polder. Op internet vind ik, dat de Gereformeerde Kerk van Luttelgeest-Kuinre  al op 28 november 1943 werd opgericht.

In het eerste nummer vind ik ook een gedicht ter gelegenheid van de oprichting van het nieuwe kerkblad. Het werd gemaakt door S.M.P de Jong-Visser uit Zwolle. Zou dat de vrouw van eindredacteur De Jong zijn?

‘Ons nieuwe blad

Voor ’t Nieuwe Land

Een Polderkrant!

Ons Kerkblad is verschenen!

Dit geeft verband

Naar allen kant,

’t Onzekere is verdwenen!

 

Ja, dát is weg:

Wie preekt er, zeg?

En wáár kan men hem hooren?”

Zóó was ’t een tijd,

Maar nu, verblijd,

Zal ons dit blad bekoren!

 

Moog’ in dit land,

Deez’ kerkekrant,

Aan ieder welkom wezen!

En vlot en frisch,

Zooals deez’ is,

Dan graag worden gelezen!’

Het blad De kerk in ’t nieuwe land is dus een ‘gereformeerd’ blad. Of er in die tijd ook een hervormd of een rooms-katholiek kerkblad voor de polder bestond weet ik niet. Het feit dat er een afzonderlijk gereformeerd blad werd opgericht zegt wel iets over het versplinterde kerkelijke leven van die tijd.

In het tweede nummer schrijft De Jong over de intrede op zondag 19 januari 1947 van ds. E. Brunsting (1903-1992) als predikant van Luttelgeest-Kuinre. Hij was niet de eerste gereformeerde dominee van Luttelgeest. Dat was ds. H. Munnik (1917-1997), die in maart 1944 werd bevestigd als predikant en in mei 1946 vertrok naar Ter Aar. Ook was Luttelgeest niet Brunstings eerste gemeente. Hij kwam over uit Krimpen a.d. Lek. De intrededienst kon op veel belangstelling rekenen: ‘Het kerkje te Kuinre was overvol’.

Ds. J. Bos (predikant van Emmeloord) en ds. Brunsting verzorgen in het begin met z’n tweeën de redactie van De kerk in ’t nieuwe land. Ds. de Jong uit Zwolle is eindredacteur. Het blaadje verschijnt elke week. Een abonnement kost 1 gulden per drie maanden – ‘bij vooruitbetaling’! De eerste elf nummers hebben een wat saaie kop. ‘De kerk’ staat in grote letters gedrukt met daaronder in kleinere letters ‘in ’t nieuwe land’ (de twee laatste woorden in een vierkant). Vanaf nummer 12 (10 april 1947) krijgt het blad een nieuwe opmaak van de kop.

Eindredacteur De Jong schrijft over de nieuwe kop: ‘Ge ziet het “nieuwe land”, op den voorgrond de zee; enkele jaren geleden was alles nog zee; nu is er land, het “nieuwe land”. In dat nieuwe land heeft de Kerk haar plaats, haar taak en die taak is te doen hooren de prediking van Jezus Christus en Dien gekruist; het leven ook in het nieuwe op te vorderen voor Hem. Dat is de bedoeling geweest van den ontwerper van deze “kop”. Daarom heeft hij over het “nieuwe” land geteekend de stralen van de zon, rondom de Kerk en het Kruis’.

Zoals gezegd: het kerkblad verschijnt elke week. Het bestaat altijd uit vier bladzijden. Elk nummer begint met een ‘Meditatie’, meestal geschreven door Brunsting. De rest van het blaadje bestaat voornamelijk uit informatie en mededelingen. In vele nummers is er de rubriek ‘Kerknieuws’. Anders dan je zou denken gaat het daarin niet om nieuws uit de plaatselijke kerken, maar om landelijk nieuws: wie is er in welke gemeente als dominee beroepen?

Belangrijk is ongetwijfeld de rubriek ‘Predikbeurten’. Zo lezen we in het eerste nummer, dat ds. J. Bos op zondag 26 januari 1947 om 10 uur en om 3 uur voorgaat in Emmeloord (met viering van het avondmaal en – zo was dat in die tijd – ‘nabetrachting’). Twee uur later, 5 uur ’s middags, doet hij hetzelfde in Marknesse.

De heer L.G. Rosendal uit Kampen verzorgt om 9.30 en om 3 uur een dienst in Ens (ik heb het even nagezocht: het zal gaan om L.G. Rozendal, een student van de Theologische School in Kampen).

En Brunsting? Die had net als Bos ook een drukke zondag! Om 9.30 gaat hij voor in Kuinre, om 11 uur in Marknesse en om 3 uur nog een keer in Kuinre.

In het oktobernummer schrijf ik nog iets meer over het oude kerkblad.

Op de komende startzondag ligt het ook in de kerk. Dan kan iedereen het even inzien!

Startzondag

Over de startzondag gesproken: elders in dit blad leest u er meer over. Op deze plaats zeg ik alleen: neem een voorwerp mee, dat voor jou iets betekent van hoop, kracht, vertrouwen, moed, liefde, geborgenheid, toekomst, troost, enz.

Met hartelijke groeten, ds. Dirk van Keulen